Column Truus Oudendijk: inbrekers

Truus Oudendijk (60+) is freelance journalist en schrijft voor de lokale en regionale media. Ze is getrouwd met Hans, moeder van twee dochters en een zoon en oma van zeven kleinkinderen.

Inbrekers

'Pffft, wat een nacht' appte mijn buurman vorige week in alle vroegte. 'Ik ga zo meteen naar de politie om aangifte te doen. Inbraakpoging hier thuis. Terwijl we lagen te slapen.' Ik had gelijk Man, die al op weg was, aan de telefoon: 'Heb je dat gelezen?' Inbraak bij de buren, wat een toestand.' We waren lichtelijk in shock, we wonen in het buitengebied en eerlijk gezegd gebeurt hier nooit wat. Het enige gevaar is een losgebroken schaap of een auto die door gladheid de bocht mist en dan het lager gelegen weiland in kukelt. Maar die heeft dan ook gewoon te hard gereden. Ik hing gelijk aan de bel, want met zulke calamiteiten is een appje te ongeïnteresseerd. 'Hebben jullie veel schade?' vroeg ik. De buren zijn elektronisch zwaar beveiligd en hebben net als wij een kalf van een hond in huis. 'Is Rossi niet tekeer gegaan?' Nee, die was alleen maar wakker geworden en zelf waren ze er nog achteraan gegaan. Wat ik op zich nog heel moedig vond. Goed, ik hing een kwartier aan de telefoon en we wisselden alle details uit. Nee, onze honden waren de hele nacht stil gebleven, geen blaf of grom gehoord, onbegrijpelijk want die slapen buiten. 'Ze zijn bij jullie over het pad gegaan' zei de buurman 'En bij ons hebben ze zelfs geprobeerd om via het dak binnen te komen'. Toen sloeg de twijfel toe, het werd wel een heel raar verhaal. En toen hij ons gesprek besloot met de opmerking: je schrijft beter dan je leest, leek het me wijs om zijn appje nog maar eens te terug te kijken. En ja hoor na een keurige witruimte, kwam de rest van het bericht: Een blanke man droeg een rode jas en een hoofddeksel. De andere twee waren donker. De blanke man liep niet zo goed, dus hebben ze hem op een wit paard gezet en zijn ze via de daken ontkomen. Bij ons hebben ze een wortel gestolen. 'Maar we komen nog terug', riepen ze. Man en ik voelden ons ietwat onnozel.

Truus Oudendijk